De overdenkingen zijn voor iedere doordeweekse dag met toestemming van Harvest House Publishers en in overleg met GIDEON boeken overgenomen uit Iedere dag in Christus van Neil T. Anderson.
Lofprijs en dankzegging maken deel uit van ieder niveau van gebed. Ze horen ons voortdurend te vergezellen in onze wandel in het licht. God benaderen met dankzegging is vergelijkbaar met het bezoeken van onze natuurlijke ouders met een houding van dankbaarheid. Niets is vervelender voor een ouder dan kinderen die altijd maar eisen stellen, voortdurend klagen en nooit tevreden zijn. Hoe zou jij je voelen als je als ouder alles aan je kinderen geeft wat je maar kunt, maar dat ze altijd maar blijven vragen om meer, meer, meer? En hoe zou je je voelen bij een kind dat bij je op schoot kruipt en zegt: ,,Dank je wel voor wie je bent. Ik hou van je en ik weet dat je het beste met me voor hebt.” Dat zou een heerlijke ouder-kind relatie zijn.
Kun je je voorstellen dat je voor God verschijnt en alleen maar roept: ,,Ik wil meer!”
En Hij antwoordt: ,,Ik gaf je mijn enige Zoon.”
,,Maar ik wil meer.”
We moeten iedere dag beginnen met: ,,Dank U hemelse Vader, dat U mij eeuwig leven geeft, hoewel ik eeuwige straf heb verdiend. Hoe kan ik U vandaag dienen?”
God prijzen is het erkennen van zijn eigenschappen. Ik probeer me tijdens het bidden bewust te zijn van zijn alomtegenwoordigheid, almacht, alwetendheid en liefdevolle Vaderschap. Ik prijs Hem niet omdat Hij het nodig heeft om van mij te horen wie Hij is. Hij weet best wie Hij is. Ik ben degene die het heel hard nodig heeft dat zijn eigenschappen voortdurend in mijn denken gebeiteld worden. Ik probeer de kennis van Gods aanwezigheid altijd in mijn gedachten te hebben. Waar ik ook ga, Hij is bij me.
Ik voel altijd een zekere onrust als mensen aan God vragen om ‘aanwezig te zijn’. Alsof we aan zijn alomtegenwoordigheid twijfelen. Hetzelfde geldt voor onze gebeden of Hij bij de zendelingen wil zijn. Uit de Bijbel hebben we de zekerheid dat God met hen zal zijn tot de einden van de aarde. We kunnen met zekerheid erkennen dat Hij ons nooit zal verlaten of in de steek zal laten. We moeten God danken voor zijn aanwezigheid en Hem vragen om de dingen in onze gedachten te brengen die ons ervan weerhouden om in volmaakte gemeenschap met Hem te leven.